ARMIG The other way round


Vandaag begonnen met het toevoegen van een pagina over de bouw van een model volgens een door de Gauge 1 Model Railway Association gepubliceerd in het boek “ARMIG The other way round”

Hoewel ik dit model zelf niet bouw wil ik andere een platform geven om hun bouw ervaringen te delen en mogelijke problemen op te lossen. Natuurlijk op een manier die constructief is en niet andere te kort doet die al veel werk hebben gestoken in het samenstellen van het boek.

ARMIG the other way round Deel 1

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Na vele jarenervaring met het bouwen van stoom-machines en locomotieven waar onder de door G1MRA uitgebrachte modellen PROJECT en DEE besloot ik als laatste model (ben bijna 80) de ARMIG te bouwen. Niet met kant en klare onderdelen zoals de opzet is, maar geheel scratch wat ik altijd doe.

Het boek ARMIG the other way round, besteld bij onze coordinator Fred van der Lubbe en dat kwam na een paar dagen in huis. Na zorgvuldige bestudering daar van zijn er enige bedenkingen. Het begint al met het maatsysteem, dat geeft mij de kriebels, boormaten in 3/8 inch en de ruimers in mm. Als de boren in inches zijn dan zijn de ruimers toch ook in dat systeem?

De schroefdraad maten : 4BA, 5BA, 3/16×40,9 / 32×40 dat moet eenvoudiger. Het eerste onderdeel waar ik mee begin is het cilinderblok, wat opvalt is de vreemde rangschikking van de bevestigingsgaten voor de cilnderdeksels, waarom 1,5 mm. vanaf de zijkant en 4 mm. vanaf de onderkant? Nadat ik deze cilinder gemaakt had beviel mij dit niet en heb een nieuwe gemaakt met de gaten 3mm. vanaf de zij en onderkant, de drukverdeling van de bevestigings boutjes is dan gunstiger, de gaten zijn getapt met M2

De cilinderdeksels van 1mm. vind ik te dun en vervormen snel bij het aandraaien van de boutjes, zeker als ze op 1,5 mm. van de rand zitten, ze zijn daarom van 1,5 mm. gemaakt. De bevestigingsgaten aan de zijkant van het blok heb ik allemaal dicht gemaakt en de gaten in het frame nog niet geboord De pakkingbussen voor de cilinders zijn bijna volgens tekening maar van buitenaf zilvertin gesoldeerd. De schroefdraad in de bussen is M8F, geen gebruik van o-ringen maar teflontape PTFE (sanitairhandel)

De pakkingbussen voor de stoomschuiven is het volgende verhaal.

ARMIG the other way round Deel 2

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

De pakkingbussen voor de stoomschuiven is een precair geval, de afstand tussen de schuifstangen is 5,4 mm. als er een zeskant aan de aandrukstukken moet komen kan de sleutelwijdte niet groter zijn dan 4,5 mm. anders kunnen ze niet aangedraaid orden, zeskant van 5 mm. is over de hoeken meer dan 5,5 mm.,moet dus zelf maar wat maken, volgens de tekening 4,8 mm. A/F wat dit betekent weet ik niet er wordt in de tekst niet verder op in gegaan. Ook deze bussen zijn met zilvertin gesoldeerd.

De zuigers zijn van brons en geen problem, wel de zuiger- stangen volgens tekening 3,2 mm. daar gebruik ik voor een AROSTA las-electrode van 3,25 mm. voor, netjes gladgeschuurd en gepolijst en aan de einden met M3., met passende O-ringen werken de zuigers goed.

Nu de stoomschuiven een moeilijk onderdeel, het eerste stel mislukte door een verkeerde boring , het tweede stel is goed. Het volgende probleem doet zich voor, de schuif-stangen staan aan gegeven met 1/16 inch dikte, dat is 1,59 mm. daar moet op gesneden worden 10BA maar 10BA is uitwendig 1,7mm.en de kern is 1,49 mm. dat zal niet veel schroefdraad worden op een vrij critische plaats met veel beweging. De stangen zijn bij mij van 2 mm. messing gemaakt (ook niet ideaal) en verdund tot 1,6 mm. op de plaats van de schuiven met schroefdraad M1,6 mm. Op elke stang is een ring van 5 mm. rond en 3 mm. dik met zilver gesoldeerd,op het andere eind een moertje ook 5 mm. rond 2 mm. dik getapt met 1,6 mm. In de tekst wordt niet vermeld hoe je dit moet borgen, de schuifjes moeten licht rond draaien maar mogen geen axiale speling hebben,na op maat stellen zijn ze met zilvertin (zou met r.v.s niet kunnen) vast gesoldeerd De scheidingspin in het cilinderblok moet roestvrij zijn daar heb ik een stukje zilversoldeer van 1,5 mm. voor gebruikt.

Als laatste, de twee drijfstang vorken met de bevestigingsopeningen gemaakt uit 10 mm. rond. Het geheel in elkaar gezet en met perslucht getest, deschuifjes lekken licht maar dat wordt wel minder na inlopen. Tot zover het cilinderblok,

In het volgende artikel gaat het frame aan de beurt komen.

ARMIG the other way round Deel 3

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Het frame is gemakt van 1,5 mm. zincorplaat van een constructiebedrijf,grof uitgezaagd en op elkaar gemonteerd met twee boutjes M2,5 mm.,dan op maat gevijld en alle gaten geboord, voor het cilinderblok op een andere plaats en met een hartafstand van 15 mm. dat is stabieler dan de originele methode en geen kans op lekkage van stoom langs de schroefdraad van de boutjes. De ronde rand aan de verhogingen van de frameplaten heb ik weggelaten, het argument dat tijdens het rijden de verf van de ielen brandt gaat mij te ver,nu brandt de verf van de frameplaten (is dat minder erg?)

Op de foto,s zijn alle onderdelen te zien ,ook de drijf-stang steun van 5 mm. dik met gaten van 12 mm.,deze steun is voorlopig met 1 boutje aan beide zijden vastgezet zodat de helling hiervan i.v.m. de hellingshoek van het cilinderblok nog kan worden bijgesteld.

Voor het maken van de drijfstanggeleider een stukje messing rond 12×120 mm. aangeschaft. Twee stukjes van 50 mm. uitgeboord en geruimd op 10,5 mm.strakker kon ik dit niet maken zonder al teveel wrijving met de drijfstangen deze geleiders zijn met zilvertin gesoldeerd aan de geleidersteun.De eindstukken van het frame zijn met 8 boutjes M 2,5 mm. vastgezet, niet met verzonken koppen
dat is bij 1,5 mm. plaat een beetje riskant,als je iets te diep verzinkt komen de frame platen niet goed vast te zitten en verzonken koppen zijn hier ook niet nodig.

De bufferbalken zijn ook van 1,5 mm. staal, de buffers zijn gedraaid uit 9 mm. vierkant staal (espagnolet),de buffers zelf zijnstaafjes autogeen lasdraad van 5mm. dik en 14 mm. lang aan 1 eind met M2 getapt en aan de andere kant een vlak en een ,,zomaar,, beetje bolgeslagen stukje plaatstaal van 2 mm. dik er op ge hardsoldeerd en daarna op 14 mm. rond gedraaid.De pennetjes zijn 2 mm. van messing met aan beide einden M 2 gesneden,neem geen M2 draadeindjes daarvoor want de veertjes blijven hier in haken,de veertjes zijn halve balpen veertjes en een moertje M 2 houdt het geheel bij elkaar.

U zult ongetwijfeld begrepen hebben dat er veel oud materiaal gebruikt wordt ,dat is de sport voor mij, het mag niets (zo min mogelijk) kosten,dat betekent dat er veel werk (zagen en vijlen) verzet moet worden,het cilinderblok, alle lagers,bussen en excentriekringen komen uit het stuk lagerbrons van de oudmetaal handel gewicht 2 kg. prijs €8, wat er over is mag terug en levert weer geld op.

Het bogie frame bestaat uit 3 delen en is met klinknageltjes in elkaar gezet,omdat niet duidelijk is hoe de centrale bout vastgezet wordt in frame is er een contramoer opgezet.De zijdelingse speling van de bogie vind ik erg klein, ik kom daar later op terug. Alle bronzen-lagers zijn met zilvertin in frame en bogie gesoldeerd. Maar wat nu met het gaatje van 1,5 mm. precies op de buiglijn van het frame,dat is niet erg elegant en waar het voor dient is mij niet duidelijk. Het frame met de cilinder en de bogie kunnen nu in elkaar gezet worden.

De volgende aflevering gaat over de wielen en het draaiende gedeelte.

ARMIG the other way round Deel 4

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

We beginnen maar met de wielen, deze zijn via mijn club vriend H.Wierenga besteld bij Walsall in G.B. en arriveerden na enkele dagen via de post aan mijn deur, ze zien er niet aantrekkelijk uit maar na bewerking een goed resultaat,als U wilt weten hoe ,je dat moet doen, moet U zijn website (www.tjitskesman.come2me.nl) maar eens bezoeken.

De krukpennen zijn van zilverstaal 4 mm. dik met M3 in het wiel en aan de achterzijde licht geklonken. Aan de voorzijde is M2,5 getapt en passende boutjes met een vierkante kop van 5 mm.voor de koppel-stangen,deze zijn 3 mm. dik en voorzien van bronzen-lagertjes en een gleuf over de hele lengte (staat leuker)

De krukas is vervaardigd volgens het DEE principe dus geen gedeelde as en geen vierkante aseinden.Voor het hardsoderen heb ik een aluminium mal gemaakt zie foto’s, als de mal van haakse blokjes is gemaakt is de hoek van 90 graden voldoende gewaarborgd. De afstand tussen de wangen en het middenstuk moet wel nauwkeurig worden aangehouden om wringen van de drijf-stangen en excentrieken te voorkomen,De wangen zijn 3 mm. dik en daar kunnen we niet te veel afhalen. De gaten voor de meeneempennen van de excentrieken zijn vanaf de buitenkant met 2 mm.  geboord,dan de buitenwangen 3 mm. gemaakt en de binnenwangen licht verzonken.De pennen zijn 3 mm. dik met een steeltje van 2 mm. ze worden vanuit het midden in de 2 mm. gaten gestoken en zijn dan van buitenaf, met ondersteuning in het midden, licht geklonken en daarna vlak gevijld zodat ze niet tegen de drijfstanglagers lopen.De drijfstangen zijn gemaakt van 3,25 mm. r.v.s. met M 3 op de einden.

De excentriekringen zijn uit brons,met de mate hiervan val ik U niet lastig.Voor de excentriekschijfjes wordt gietijzer aanbevolen, er bestaan tientallen soorten giet-ijzer,het meest voorkomende is het z.g. grijs of grauw-gietijzer dat is niet erg slijtvast,de oplossing? ziet U in de foto,s,van een garage een versleten remschijf gehaald (gratis)en er stukken uitgezaagd, weer veel werk maar perfect glad en goed te bewerken materiaal. Het lijkt hard maar is goed bewerkbaar. In de vierklauw een 5 mm. dikke plak gedraaid,dan door gezaagden en de helften aan elkaar gesoldeerd met zilvertin en op de sodeernaad 6 mm. geboord. In de draaibank een stukje vierkant van 10 mm. met een deel van 6 mm. en voorzien van M6, hier worden de gesoldeerde stukjes op geschoven en met een grote sluitring en moer vastgezet, het vierkant wordt nu 3 mm. uit het center geplaatst dat geeft een beweging van 6 mm. nodig om de stoomschuifjes hun slag te kunnen maken. Dit stukje kan nu gedraaid worden, dat moet wel voor-zichtig gebeuren want de tinsoldeer naad is niet sterk. De 120 graden gleuf is met een 3 mm. freesje in de boor-freesmachine gemaakt het schijfje zit geklemd in de excentriekring met de drijfstang als handvat als dit klaar is kan het schijfje losgesoldeerd worden en schoon gemaakt op de invlakken.De schijf licht los in de excentriekring, alleen de scheidingslijn van de schijf is licht afgerond om haken met de excentriekring te voorkomen.Tussen de schijfjes op de krukas is een verende ring geplaatst in een klein gleufje dat in de krukas is gedraaid.

Dit is weer genoeg, volgende keer o.a.de ketel.

ARMIG the other way round Deel 5

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Het cilinderblok en krukas met drijfstangen en schuif-stangen kan nu in het frame gemonteerd worden en de stangen eventueel op maat gesteld worden. De wielen monteer ik met inbusborgschroefjes (made of wormschroefje)M 3 en een klein plat kantje aan de as gevijld,indien nodig kan daar later nog een druppeltje 3 secondenlijm (cyanoacrylaat) op.

Verder met de ketel met aanhang, weer naar de oud-metaalhandel daar liggen ongelovelijke resten nieuwe koperen pijp stukken van bedrijven 40, 42, 50, 54 de gekste maten voor mijn doel dus ideaal een stuk van de juiste dikte met wat extra lengte voor € 5, in deze handel wordt de pijp met een grote schaar afgeknipt,de einden zijn dus helemaal dichtgeknepen en moet je zelf afzagen op voldoende lengte, de over gebleven stukken zaag ik in de lengte open en buig ze uitelkaar, na uitgloeien kunnen ze plat geslagen worden en zijn dan bestemd voor de ketelfronten. Een stukje waterleidingpijp van 22 mm. kan er nog wel bij, verder vraag ik altijd of ik van de afgekeurde C.V. ketels de thermokoppels mag afhalen, dat is prima stoomleiding in de buurt van 3 mm. uitwendig, je moet natuurlijk wel de geisoleerde binnendraad er eerst uit trekken!

Na de ketel op lengte te hebben gemaakt worden er de gaten voor de veiligheid, stoomdom en andere aansluitingen in gemaakt niet volgens tekening maar met een gat voor een draadbus 8MF. Het verdeelstuk komt weer uit het bekende bronsstuk evenals de aansluitingen. Het hardsolderen was nog een heel gedoe vanwege de weinige ruimte en het gevaar van dichtvloeien van de stoomleidingen De stut op de ketel (onhandig) heb ik niet gedaan maar er een bus met M8F en een hoge dop waar de stoomdom met een boutje opgeschroefd wordt.

De stoomafsluiter is van 4 mm. messing, voor de afdichting gebruik ik O-ringetjes uit wegwerpaanstekers een gleufje van 1 mm. breed en 1,25 mm. diep volstaat al vele malen in andere projecten. De fronten, bussen en verdeelblok zijn met zilversoldeer gesoldeerd,ik gebruik hiervoor nog steeds een acetyleen-zuurstofbrander omdat dit een reducerendevlam heeft die oxyden geen kans geeft tijdens het solderen.

Als isolatie voor de ketel wordt wollen stof gebruikt in twee lagen, wol is niet brandbaar en isoleerd goed, (brandweerpakken waren er altijd van). Vilt is ook bruikbaar (samengeperste wol).

De buitenbekleding van de ketel is van een vierkant frituurolieblik (snackbar) met de glimmende zijde naar binnen, dat isoleerd ook nog.  De ketelbanden zijn hier ook van gemaakt, de voorste van imitatie klinknagels voorzien dan lijkt het een deel van de rookkast.

Een clackbox (ventiel) is aanwezig en dient om de ketel te vullen plus een aansluiting voor een manometer. Het geheel is getest op 15 Bar.

Het schiet al aardig op, volgende keer de brander en de Gastank.

ARMIG the other way round Deel 6

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Het gastankje is volgens de tekening gemaakt, in zoverre dat de vulopening boven op zit met een autoband ventiel, dit systeem gebruik ik ook op andere locomotieven. Als gas wordt gebruikt de wegwerptankjes model Camping Gaz met een aangepast ventiel zoals in gebruik bij de luchtpomp voor autobanden. De afsluiter zit ernaast en heeft dezelfde O-ring als afsluiting als eerder vermeld en een zijaansluiting met M5F voor de leiding van 3 mm. naar de brander.

De brander,

Dit systeem met de brander in de vlampijp heb ik nog nooit erder toegepast in mijn locomotieven stook ik kolen, alcohol of gas maar dan met branders in de vuurkist met “steentjes” uit oude gas haarden. Dit is een nieuwe uitdaging voor mij. Volgens het boek erg critisch wat betreft de opening in het inspuitstukje (op de foto dat kleine rondje). De hoeveelheid warmte die nodig is voor deze loc, hangt in principe niet af van de soort brander die gebruikt wordt maar van de hoeveelheid gas. De opening in het inspuitstuk kan niet veel afwijken van mijn gasbranders.

De branderbuis, in het boek staat een foto van een RoundHouse brander, hieruit en met de maten in de tekening kun je afleiden hoe groot en hoeveel gaatjes er in de branderbuis komen, die heb ik eerst zo gemaakt en niet met twee maar met vier gaten van 5 mm in het uitstekende pijp gedeelte, daaromheen is een passend schuifstukje dat alle gaten kan afdichten. Nu heb ik de volledige controle over de luchttoevoer en is de vlam goed regelbaar, bij te weinig lucht een gele vlam, onvolledige verbranding en CO vorming, bij te veel lucht een hard grommende vlam met warmte verlies, (er gaat teveel lucht doorheen)

Het inspuit stukje omdat ik geen gaatjes van 0,2 mm. kan boren moet dat geprikt worden. Uit een frisdrankblikje een stukje geknipt en met een hol pijp van 4 mm. Enige rondjes geponst, deze plat gedrukt en dan met een scherpe speld of naald met een stukje lood eronder een gaatje geprikt.

Soms is het iets te groot maar met een kleine tik met een hamertje kun je dit corrigeren eventueel met de speld weer opruimen, na een paar keer testen kun je een goed resultaat bereiken. Hoe het inspuitstukje is bevestigd en afgedicht met een O-ringetje ziet U op de foto’s, het schroefdraad is M5F

Het is nu mogelijk de loc. in elkaar te zetten en te testen op de rollenbank.

Het volgende artikel zal de bovenbouw behandelen.

Het is nu mogelijk de loc. In elkaar te zetten!

ARMIG the other way round Deel 7

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Het samenstellen van de opbouw, als we volgens het boek te werk gaan zou de opbouw uit een stuk bestaan en met vier schroefjes aan het frame bevestigd zijn. Dit leek mij niet zo handig en heb daarom de loopranden, watertanks, kolenbunker en cabine uit losse delen vervaardigd en met M2 schroeven in elkaar gezet,  dit deel wordt dan door onderstukjes aan de loopranden met de buffers vastgezet, het zelfde systeem als bij het eerdere uitgegeven model van de DEE.

Ook de rookkast is anders bevestigd dan in het boek. Alle delen zijn gemaakt van blank plaatstaal van 0,5 mm. dik en met puntlassen gelast. De achterkant van de cabine is v-vormig gemaakt om een goed bedienen van de gasafsluiter mogelijk te maken. De cabine is met de zijwanden en het dak als los deel weg neembaar zodat de stoomafsluiter makkelijk bediend kan worden. Op de foto,s is te zien dat er een manometer gemonteerd is, die vind ik nuttiger dan een peilglas of elektronische watermeter, welke vaak onbetrouwbaar en in zonlicht slecht afleesbaar zijn.

Als de druk wegvalt moet je stoppen en zijn er twee mogelijkheden, de gastank is leeg of de ketel is zonder water. Aan de linkerzijde ziet U in de de  deuropening  een kleine slangaansluiting met een leiding naar een ventiel aan de ketel bestemd om water in de ketel te pompen.

Aan dezelfde kant zit op de watertank een schroefdop van de smeerolietank en aan de onderzijde is de olieleiding naar het cilinderblok nog net zichtbaar.

Veel valt er over dit deel niet meer te zeggen, een veiligheid is aanwezig op de ketel, lamphouders en trekhaken zijn gemonteerd. De foto’s moeten het verhaal maar verder vertellen. Nog even terug komend op een opmerking uit deel 3 over de zijdelingse speling van de bogie, na testen op mijn tuinbaan blijkt dat een railboogstraal van 2,5 m. nog goed gereden kan worden, in verband met de constructie van het frame was ik bang dat dit niet zou lukken.

Als laatste de verantwoording voor de oorlogsuitvoering, ik heb deze loc. gebouwd als een uitdaging en had geen zin meer in het schilderwerk met de kleuren, lijnen en plakplaatjes nodig om hem “mooi te maken” vandaar het grijs.

ARMIG the other way round Epiloog

De eerste nederlandse scratch gebouwde ARMIG in oorlogsuitvoering

door Lodewijk Färber

Het boek is in principe niet geschikt voor scratch bouw vanwege het ontbreken van vele maten en tekeningen maar dat was ook niet de opzet van het boek.

“Veel waardering heb ik voor samenstellers van het boek voor het vele werk dat ze hebben gedaan om dit tot stand te brengen, het boek ziet er met de moderne look en kleurige tekeningen goed uit. Tot slot ben ik benieuwd of er opvolgers komen voor scratch bouw of voor het originele plan volgens ARMIG the other way round“.    Lodewijk Färber

ARMIG at Paul’s Iden GTG juni 2012

Advertenties

Eén reactie to “ARMIG The other way round”

  1. Interessant!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: